
afspelen
to play
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- speelde af
- Past participle (perfectum)
- afgespeeld
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Voorbeelden zijn verdwijnende berichten voor kinderen, stories, automatisch afspelende video's, aanbevelingsalgoritmes die dopamine prikkelen en eindeloos scrollen.”From this article →
- “zoals verdwijnende berichten, stories, automatisch afspelende video's en eindeloos scrollen.”From this article →
Save this word and practise it later.