afraden
to advise against
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- raadde af
- Past participle (perfectum)
- afgeraden
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Beveiliger Pim Takkenberg van Northwave raadt betalen af, omdat je geen zekerheid krijgt.”From this article →
- “De Gezondheidsraad raadt de minister af om de 13-wekenecho nu vast in de geboortezorg op te nemen.”From this article →
- “Aa en Maas ... en raadt zwemmen en vee drinken af.”From this article →
Save this word and practice it later.