
afnemen
to decrease, to take, to take away, to purchase
Forms you will meet
- afgenomen
- afneemt
- afnemen
- afnemende
- nam af
- neemt af
- nemen af
- nemen niet af
Meaning
- to decrease
- to take
- to take away
- to purchase
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- nam af
- Past participle (perfectum)
- afgenomen
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Omdat het wekenlang nauwelijks regent in Zwitserland en Zuid-Duitsland, neemt de afvoer opnieuw af.”From this article →
- “Het onderzoek blijkt dat hij sterk afneemt.”From this video →
- “Eerder stond de groep al autoloog bloed toe, afnemen voor een operatie en tijdens de ingreep teruggeven”From this article →
Save this word and practice it later.