aanzwellen
to swell, to grow
Forms you will meet
- aanzwelt
- zwelt aan
Meaning
- to swell
- to grow
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- zwol aan
- Past participle (perfectum)
- aangezwollen
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Starmer hield vanochtend een toespraak, maar vier regeringsmedewerkers namen ontslag en de kritiek zwelt aan.”From this article →
- “terwijl kritiek op de regering aanzwelt”From this article →
Save this word and practice it later.