
aansluiten
to join, to align with, to connect
Forms you will meet
- aangesloten
- aansloot
- aansluit
- aansluiten
- sloot aan
- sloot aan bij
- sloot zich aan
- sloten zich aan
- sluit aan
- sluit aan bij
- sluit niet aan
- sluit zich aan
- sluiten aan
- zich aan te sluiten
- zich aansluit
Meaning
- to join
- to align with
- to connect
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- sloot aan
- Past participle (perfectum)
- aangesloten
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “Hij debuteert bij Oranje, maar sloot eind vorige week nog aan bij Jong Oranje voor een EK kwalificatieduel tegen Noorwegen.”From this article →
- “Op 15 kilometer sluiten Longo Borghini en Niewiadoma aan, waarna in de laatste ronde van 13 kilometer aanvallen over en weer volgen.”From this article →
- “De investering sluit aan bij de eerdere verschuiving weg uit de VS, na verkopen van staatsobligaties en techaandelen.”From this article →
Save this word and practice it later.