aanpakken
to address, to tackle, to take action against
Forms you will meet
- aan te pakken
- aangepakt
- aanpakken
- aanpakt
- kunnen aanpakken
- pakt aan
- pakte aan
- pakten aan
- wordt aangepakt
Meaning
- to address
- to tackle
- to take action against
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- pakte aan
- Past participle (perfectum)
- aangepakt
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “… zoals illegale content, gendergerelateerd geweld en schade aan welzijn, tijdig worden aangepakt.”From this article →
- “Trump dreigde met militair optreden nadat het regime protesten hard aanpakte.”From this article →
- “De stap past in bredere kritiek van president Trump op eliteuniversiteiten als Harvard, Princeton, Columbia en Brown, onder meer over het aanpakken van antisemitisme en samenwerking met Chinese partners.”From this article →
Save this word and practise it later.