aangaan
to come on, to switch on, to embark on
Forms you will meet
- gaan aan
- gaat aan
- is aangegaan
Meaning
- to come on
- to switch on
- to embark on
Past tenses
- Simple past (imperfectum)
- ging aan
- Past participle (perfectum)
- aangegaan
- Auxiliary
- hebben
In a real sentence
- “In Zaporizja gaat de stroom nu weer aan, zegt de regering.”From this article →
- “De noodstroom gaat aan zodat koeling blijft werken.”From this article →
- “Alleen ja, er is er eentje tussen eh die het toch het avontuur is aangegaan.”From this video →
Save this word and practise it later.