meefietsen
to cycle along
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- fietste mee
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- meegefietst
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Oké rondje meefietsen met een hele grote groep”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.