beschadigen
to damage, damaged, to be damaged, to harm
Ook gebruikt als: adjective
Vormen die je tegenkomt
- beschadigd
- beschadigd geraakt
- beschadigde
- beschadigden
- beschadigen
- beschadigt
- beschadt
- raakten beschadigd
- te beschadigen
Betekenis
- to damage
- damaged
- to be damaged
- to harm
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- beschadigde
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- beschadigd
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Fabrieken zijn beschadigd en het vervoer over water ligt stil.”Uit deze video →
- “Door beschadigde elektriciteitskabels lopen regionale en snelle treinen grote vertraging op, maar het rijden wordt stap voor stap hervat.”Uit dit artikel →
- “Verschillende gebouwen zijn beschadigd of zelfs helemaal ingestort.”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.