wisselen
to change, to substitute, to exchange, to make substitutions
Vormen die je tegenkomt
- gewisseld
- wissel
- wisselde
- wisselen
- wisselende
- wisselt
- wisseltruc
Betekenis
- to change
- to substitute
- to exchange
- to make substitutions
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- wisselde
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- gewisseld
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “maar captain Paul Haarhuis heeft na twee zeges op vrijdag toch gewisseld.”Uit dit artikel →
- “Ajax wisselde, met onder anderen Marcos Leonardo, Amrabat en Tsyhankov, terwijl Ter Stegen een derde PSV-goal even voorkwam.”Uit dit artikel →
- “Door wisselende wind verandert de richting van het vuur meerdere keren per nacht.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.