de wens
wish
de of het?
deIn een echte zin
- “Deze kinderen maakten een bordje met hun eigen wens voor het klimaat.”Uit deze video →
- “Op haar wens is de uitvaart vanmiddag in kleine kring.”Uit dit artikel →
- “De familie zegt: dat is zijn wens.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.