wennen
to get used to
Vormen die je tegenkomt
- gewend
- wennen
- went
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- wende
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- gewend
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “De naam verandert, ik moet wennen en ik haat wennen.”Uit deze video →
- “Staatssecretaris Bertram noemt de maatregel goed voor gezinnen met een kleine portemonnee en om kinderen vroeg te laten wennen aan het openbaar vervoer”Uit dit artikel →
- “Ongeveer 20 procent van de kijkers moet nog wennen, anderen vinden het juist gaaf.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.