voorlezen

to read aloud

Vormen die je tegenkomt

  • ging voorlezen
  • leest voor
  • voorgelezen
  • voorleest
  • voorlezen

Stamtijden

Verleden tijd (imperfectum)
las voor
Voltooid deelwoord (perfectum)
voorgelezen
Hulpwerkwoord
hebben

In een echte zin

  • “Morgen is de officiële herdenking, met het voorlezen van namen en aandacht voor circa 9000 mensen die later door 9/11 gerelateerde ziekten overleden.”Uit dit artikel →
  • “Namen worden voorgelezen en er is aandacht voor circa 9000 latere slachtoffers.”Uit dit artikel →
  • “Tot hij kinderen kreeg en ging voorlezen.”Uit deze video →

Bewaar dit woord en oefen het later.

Zoek een ander woord