verlopen
to proceed, to take place, to expire, expired, to go
Ook gebruikt als: adjective
Vormen die je tegenkomt
- verliep
- verloopt
- verlopen
Betekenis
- to proceed
- to take place
- to expire
- expired
- to go
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- verliep
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- verlopen
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Wallaby's leven in groepen, daarom verliep de terugkeer in de kudde rustig.”Uit dit artikel →
- “Volgens de organisatie is het gezellig druk en verloopt de route volgens plan.”Uit dit artikel →
- “Bij Rabobank verloopt ongeveer 8 procent van transacties via de Rabo Scanner,”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.