verkorten
to shorten
Vormen die je tegenkomt
- verkort
- verkorte
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- verkortte
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- verkort
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Haar straf ging van 33 naar 27 jaar in 2022 en is deze maand met nog 4 jaar verkort”Uit dit artikel →
- “Door de verkorte reistijd heeft u op vakantie meer tijd over.”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.