verdubbelen
to double
Vormen die je tegenkomt
- verdubbeld
- verdubbelen
- verdubbelt
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- verdubbelde
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- verdubbeld
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Het gebruik is sinds 2022 bijna verdubbeld, van 250.000 kilo naar 465.000 kilo in 2024.”Uit dit artikel →
- “FVD lijkt de grootste winnaar deelname verdubbelt”Uit dit artikel →
- “al wezen e-mails erop dat hij ooit de kijktijd wilde verdubbelen.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.