vastlopen
to get stuck, to stall, to jam
Vormen die je tegenkomt
- loopt vast
- lopen vast
- vast te lopen
- vastgelopen
- vastliepen
- vastlopen
Betekenis
- to get stuck
- to stall
- to jam
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- liep vast
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- vastgelopen
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Dat wekt irritatie en vergroot de kans dat de gesprekken over de deadline heen gaan of vastlopen.”Uit dit artikel →
- “De gevechten begonnen omdat gesprekken tussen Damascus en de SDF vastliepen.”Uit dit artikel →
- “De recente gevechten volgden op vastgelopen onderhandelingen tussen Damascus en de SDF.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.