trillen
to tremble, to shake, to shiver
Vormen die je tegenkomt
- trilde
- trillen
- trilt
Betekenis
- to tremble
- to shake
- to shiver
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- trilde
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- getrild
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Je adem vergaat je weet je trillen eh huilen”Uit deze video →
- “De kast trilde helemaal en dan denk je gaan we weer.”Uit deze video →
- “Een vrouw van 50 jaar gaat weg, omdat het huis elke nacht trilt.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.