
teruglezen
to reread
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- las terug
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- teruggelezen
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Eh kinderen kunnen ook sneller hun eigen aantekeningen teruglezen en daar weer eh iets uit ophalen.”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.