
het tekort
shortage, lack, shortfall, deficit, to be short
Ook gebruikt als: adjective
de of het?
hetVormen die je tegenkomt
- lerarentekort
- te kort
- tekort
- tekorten
- watertekort
Betekenis
- shortage
- lack
- shortfall
- deficit
- to be short
In een echte zin
- “Wethouder Sofyan Mbarki wil werken tijdens de asielprocedure, voor snellere integratie en minder tekorten op de arbeidsmarkt.”Uit dit artikel →
- “terwijl de staat alleen een strategische reserve aanhoudt voor tekorten, niet om prijzen te drukken.”Uit dit artikel →
- “Ze kwam 14e seconden tekort, maar ze haalde wel haar tweede gouden medaille.”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.