schrikken
to get frightened, to be shocked, to be startled, to be frightened, startled
Ook gebruikt als: adjective
Vormen die je tegenkomt
- geschrokken
- schrik
- schrikken
- schrikt
- schrok
- schrokken
Betekenis
- to get frightened
- to be shocked
- to be startled
- to be frightened
- startled
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- schrok
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- geschrokken
- Hulpwerkwoord
- zijn
In een echte zin
- “Wij schrikken ons natuurlijk helemaal wezenloos en onze gasten schrikken daar natuurlijk ook van.”Uit deze video →
- “Mensen in het dorp zijn erg geschrokken.”Uit deze video →
- “En ze zijn daarom erg geschrokken dat het nu weer gebeurt.”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.