rondrijden
to drive around
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- reed rond
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- rondgereden
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “De mis begon om 10.00 uur en daarna reed hij rond in de pausmobiel.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.