opschuiven
to move up, to move forward, to shift, to be postponed, to postpone
Vormen die je tegenkomt
- opgeschoven
- opschuift
- opschuiven
- schoof op
- schuift op
- schuift verder op
- schuiven op
Betekenis
- to move up
- to move forward
- to shift
- to be postponed
- to postpone
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- schoof op
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- opgeschoven
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Na één ronde is Verstappen al flink opgeschoven.”Uit deze video →
- “maar daarna schoof Nederland in baan 1 op.”Uit dit artikel →
- “Door de wind schuift het vuur op richting Monschau.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.