opschuiven
to postpone, to be postponed, to move forward, to shift
Vormen die je tegenkomt
- opschuift
- opschuiven
- schuift op
- schuift verder op
- schuiven op
Betekenis
- to postpone
- to be postponed
- to move forward
- to shift
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- schoof op
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- opgeschoven
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Trump schuift een mogelijke aanval op Iraanse energiecentrales vijf dagen op.”Uit dit artikel →
- “Het plan om bevroren Russisch geld te gebruiken schuift op.”Uit dit artikel →
- “De lancering is niet eerder dan in de nacht van 6 op 7 februari en kan nog opschuiven.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.