naspelen

to portray / to reenact, to reenact

Vormen die je tegenkomt

  • naspelen
  • spelen na

Betekenis

  • to portray / to reenact
  • to reenact

Stamtijden

Verleden tijd (imperfectum)
speelde na
Voltooid deelwoord (perfectum)
nagespeeld
Hulpwerkwoord
hebben

In een echte zin

  • “Het zijn actrices die de prinsessen naspelen.”Uit deze video →
  • “Broers maakte de fictieve documentaire als student aan St. Joost in Breda, met twee acteurs die haar verleden naspelen.”Uit dit artikel →
  • “In de fictieve documentaire spelen twee acteurs scènes uit haar verleden na.”Uit dit artikel →

Bewaar dit woord en oefen het later.

Zoek een ander woord