nagelopen
to review
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- geliep na
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- nagelopen
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Het bedrijf zegt uit voorzorg 141.000 oefenactiviteiten uit de afgelopen maanden te hebben nagelopen, mede na berichten dat OpenAI's systemen ook hacks uitvoerden.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.