juichen
to cheer
Vormen die je tegenkomt
- juich
- juichen
- juicht
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- juichte
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- gejuicht
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Maar ook zonder Nederland blijft er voor deze klas dus genoeg om voor te juichen.”Uit deze video →
- “in Raqqa en Deir Ezzor juichen sommige Arabische bewoners”Uit dit artikel →
- “Beide partijen juichen voor het mannenijshockeyteam met olympisch goud in Milaan.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.