jongleren
to juggle
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- jongleerde
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- gejongleerd
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Dit heet de kegels en daar kan je ook mee jongleren.”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.