inkorten

to shorten

Vormen die je tegenkomt

  • ingekort
  • ingekorte
  • inkorten
  • kort in
  • korten in

Stamtijden

Verleden tijd (imperfectum)
kortte in
Voltooid deelwoord (perfectum)
ingekort
Hulpwerkwoord
hebben

In een echte zin

  • “In Parijs won Mathieu van der Poel de ingekorte slotetappe.”Uit dit artikel →
  • “Mathieu van der Poel wint de ingekorte slotrit in Parijs.”Uit dit artikel →
  • “Door extreme hitte korten de organisatoren de rit met 30 kilometer in, maar het blijft spannend of de kopgroep voorop blijft.”Uit dit artikel →

Bewaar dit woord en oefen het later.

Zoek een ander woord