de fietser
cyclist
de of het?
deIn een echte zin
- “In Zeeuws Vlaanderen rijdt een auto tegen een groep fietsers.”Uit dit artikel →
- “De boot tussen Rheden en Rhederlaag neemt geen fietsers en voetgangers mee.”Uit dit artikel →
- “Tussen Rheden en Rhederlaag kunnen fietsers en voetgangers niet mee.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.