evenaren
to equal, to match
Vormen die je tegenkomt
- evenaarden
- evenaart
- evenaren
Betekenis
- to equal
- to match
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- evenaarde
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- geëvenaard
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Met vier tijdrittitels evenaart Evenepoel Tony Martin en Fabian Cancellara, maar hij is wel de enige met vier op rij.”Uit dit artikel →
- “Daarmee evenaarden Schilder en Van Klinken hun Nederlandse een twee uit Rome 2024.”Uit dit artikel →
- “De club kon tot woensdag 6.00 uur Nederlandse tijd het aanbod uit Memphis evenaren, maar deed dat niet.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.