beedigen
to be sworn in
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- beëdigde
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- beëdigd
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Volgende week maandag zullen al die mensen worden beëdigd.”Uit deze video →
- “Vandaag wordt het minderheidskabinet Jetten beëdigd in paleis Huis ten Bosch.”Uit dit artikel →
Bewaar dit woord en oefen het later.