afzagen
to saw off
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- zaagde af
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- afgezaagd
- Hulpwerkwoord
- hebben
In een echte zin
- “Die hebben we moeten afzagen eh zodat hij wel dicht eh kan.”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.