afstappen

to get off, to step away from, to dismount

Vormen die je tegenkomt

  • af te stappen
  • afstappen
  • stapt af

Betekenis

  • to get off
  • to step away from
  • to dismount

Stamtijden

Verleden tijd (imperfectum)
stapte af
Voltooid deelwoord (perfectum)
afgestapt
Hulpwerkwoord
hebben

In een echte zin

  • “Bij het WK tijdrijden 2023 stapt ze huilend af, later slaat ze door long covid het thuis WK over, en dit voorjaar breekt ze een rugwervel.”Uit dit artikel →
  • “Bij het WK 2023 stapt ze tijdens de tijdrit af.”Uit dit artikel →
  • “Een akkoord is onzeker, omdat de ochtendtekst geen plan bevat om van olie en gas af te stappen.”Uit dit artikel →

Bewaar dit woord en oefen het later.

Zoek een ander woord