aankomen
to arrive, to anticipate
Vormen die je tegenkomt
- aangekomen
- aankomen
- aankwamen
- komen aan
- komt aan
- kwam aan
- kwam hier gister aan
- kwamen aan
- zien aankomen
Betekenis
- to arrive
- to anticipate
Stamtijden
- Verleden tijd (imperfectum)
- kwam aan
- Voltooid deelwoord (perfectum)
- aangekomen
- Hulpwerkwoord
- zijn
In een echte zin
- “Negen mensen die vrij zijn komen in Vilnius aan.”Uit dit artikel →
- “Vandaag komen op Schiphol 42 Palestijnen uit Gaza aan.”Uit dit artikel →
- “Hier komen de voetballers aan in Spanje. Ze kwamen aan op het vliegveld van de hoofdstad Madrid.”Uit deze video →
Bewaar dit woord en oefen het later.